fbpx

          ‘Vriendelijkheid is belangrijker dan wijsheid, en de erkenning hiervan is het begin van wijsheid.’
                                                                             -Theodore Isaac Rubin –

Vriendelijkheid, mildheid, genegenheid, liefde, compassie. Termen die in feite een grote familie vormen, elkaar overlappen en aanvullen in hun betekenis en allemaal stammen uit één bron, die we metaforisch als ‘het hart’ aanduiden.

De vier hartkwaliteiten
De Boeddha himself beschreef de vier gevoelstoestanden van het hart met de volgende namen:

1. Liefdevolle vriendelijkheid (metta); liefde zonder verlangen of gehechtheid. Een gemoedstoestand zonder agenda, zonder doel en onvoorwaardelijk, zoals bij genegenheid, welwillendheid, goodwill.

2. Compassie (karuna); het open staan voor een moeilijk gevoel met daarbij de wens tot verlichting daarvan.

3. Mede-vreugde (mudita); het open staan voor een prettig gevoel en het meebeleven van de vreugde daarvan.

4. Gelijkmoedigheid (upekkha); een vorm van mildheid die het mee-voelen begrenst. De kunst van balanceren tussen empathie en medelijden.

Westerse ziekte
Voor ons westerlingen is het een dingetje; de kwaliteiten van het hart voor onszelf inzetten Dat doen we liever niet. Of beter; we zijn het niet gewend en het is ons ook vaak niet geleerd. We zijn zo geneigd tot zelfveroordeling dat we na één domme opmerking vijftig dingen goed moeten doen om dit te compenseren. We denken vaak dat deze harde, veroordelende geest een feit is. Dat het bij ons mens-zijn hoort. Maar dat is niet zo. Het is een westerse ziekte. In mindfulness worden alle hartkwaliteiten geoefend en meestal overkoepelend benoemd als liefdevolle vriendelijkheid of metta. Metta kun je oefenen. Door formele oefeningen als meditatie en ook tijdens informele oefeningen in het dagelijkse leven.

In de rij
Afgelopen week stond ik, zoals bijna elke dag, met mijn boodschappenkar in de rij van de zelfscanners. Ik had haast net zoals de rest van mijn rij. Naast mij stonden ze achter elkaar bij de gewone kassa. Ook daar hadden ze haast. Een vrouw met een rood en bijna ontploft hoofd deed haar best om haar schreeuwend kind weer terug in de kar te duwen. De rest zat verveeld op de telefoon te gluren. Vooraan in de rij was een oude mevrouw aan de beurt. Ze vulde het mandje van haar rollator met de afgerekende producten maar ergens ging iets mis en vielen haar boodschappen op de grond. De caissière, een jonge meid van een jaar of 16, veerde op en verliet haar stek. Gezucht en gesteun. Niet van de mevrouw maar van een aantal mensen achter haar in de rij. Zo van; pfff…nog langer wachten… Is niet zo raar als we al moeilijk zelfcompassie kunnen toepassen, kunnen we ook weinig compassie hebben met anderen.

Metta in actie
Het meisje liep naar de mevrouw en vroeg: ‘Zal ik u even helpen mevrouw?’ Ze bukte zich en raapte de spullen bij elkaar. Toen alles weer op z’n plek lag pakte de oude vrouw de hand van de caissière en zei: ‘Wat ben je een lief kind’ en ze streek liefdevol met haar rimpelige hand over de wang van het meisje. ‘Jouw ouders zullen wel trots op je zijn’, voegde ze er nog aan toe. Het meisje bloosde en glimlachte. We keken allemaal naar de twee vrouwen en iedereen had een glimlach (of iets wat er op leek) op het gezicht. Zelfs het schreeuwende kind was stil. Bijzonder hoe krachtig zo’n kleine daad van liefdevolle vriendelijkheid is en welk effect het op ons heeft. Dit was metta in actie.

Steekproef
Ik ben aan de beurt om af te rekenen en krijg nog een steekproef (altijd als je haast hebt). De dienstdoende supermarktmanager staat achter de counter, voert de proef uit en wenst mij een fijne dag. Geïnspireerd door het meisje en de oude mevrouw om uit het hart te spreken, zoek ik zijn ogen en wens ik hem een hele fijne dag terug. Hij trekt geamuseerd zijn wenkbrauwen op met iets wat lijkt op een twinkeling in zijn ogen en geeft me een knipoog. Ik besef me ineens dat mijn poging tot oprechte vriendelijkheid ietwat verkeerd wordt geïnterpreteerd. Of misschien keek ik iets te lang terug. Kan ook. Ik probeer de boel te neutraliseren door niet te reageren maar de man vraagt met een lichte glimlach om zijn mond: ‘Lukt het zo of zal ik je even helpen?’ Vanuit schaamte gecombineerd met ongemak, hoor ik mezelf ineens zeggen: ‘Het lukt zo wel. Aardig van je. Jouw ouders zullen wel trots op je zijn’. De man kijkt me meewarig aan en terwijl ik met mijn hoofd zo diep mogelijk verstopt in mijn jas doorloop, bezweer ik mezelf dat ik de volgende keer alleen maar ‘Hallo Jumbo’ fluister bij binnenkomst en het daarbij laat. Maar dat is pas over een maand of 3. Eerst maar eens de komende tijd de andere supermarkt opzoeken.

Birgit Weustink

Birgit Weustink

Mindfulnesstrainer | Oprichter Dochters van Twente |

Birgit is mindfulnesstrainer (cat 1) en leidt MBSR groepstrainingen.

Daarnaast ontwikkelt ze binnen Dochters van Twente vitaliteitsprogramma’s voor mensen, teams en organisaties.