In de eerste paar weken van het nieuwe jaar gaan velen van ons gebukt onder goede voornemens. Uit onderzoek is gebleken dat vier op de vijf Nederlanders goede voornemens maakt. Dat gewicht verliezen en meer bewegen voornemens zijn die in de top drie voorkomen weet iedereen wel. Wat ik opvallend vind is dat het voornemen hebben om meer tijd door te brengen met vrienden hoger staat dan stoppen met roken. Ook beter voor jezelf opkomen en ander werk zoeken staan in de top tien van meest voorkomende voornemens. Eigenlijk betekent dit dat we beter voor ons zelf willen gaan zorgen. We willen ons beter, fitter en gezonder gaan voelen en zien er dan als bonus ook nog beter uit. Redenen genoeg om je levensstijl te veranderen zou je zeggen.

10% slaagt met een goed voornemen
Helaas laat hetzelfde onderzoek ook zien dat maar 10% van de personen met een goed voornemen hier daadwerkelijk in slaagt. 80% lukt het dus niet om beter, fitter en gezonder te worden en dat percentage is eerlijk gezegd schrikbarend hoog. Waarom maken we deze voornemen eigenlijk als we vooraf al weten dat ze gedoemd zijn om te mislukken? Is het sociaal wenselijk of hip om te zeggen dat je fitter wil worden? Hebben we massaal geen ruggengraat of zijn we te soft om onze schouders er onder te zetten?

Reëel doel
Veranderen is moeilijk. Je anders gaan gedragen dan dat je, bij wijze van spreken al je hele leven hebt gedaan, is nog moeilijker dan moeilijk. Daarnaast vinden we ongezond eten, roken of weinig bewegen blijkbaar fijn, lekker of ontspannend. Dit maakt het nog lastiger om de veranderingen vol te houden. Om de kans van slagen te vergroten is het belangrijk dat je voornemen concreet is. Dat je wil afvallen is te vrijblijvend. Maar jezelf voornemen dat je voor juli 6 kilo kwijt wil raken is niet alleen meetbaar maar ook nog eens reëel en dus haalbaar. Ga ook niet proberen om drie goede voornemens tegelijk aan te pakken want dan wordt de kans op mislukking te groot. Bedenk wat je het fijnste of belangrijkste vind om te veranderen aan richt hier al je aandacht en energie op.

Deel je goede voornemen
Uit het eerder genoemde onderzoek blijkt ook nog eens dat mannen en vrouwen andere dingen moeten doen om succesvol te zijn. Zo zijn mannen extra gevoelig voor concrete doelen. Als mannen daarnaast nog visualiseren hoe het gewenste resultaat eruit komt te zien dan werkt dit dubbel stimulerend om vol te houden. Vrouwen daar en tegen voelen zich meer gestimuleerd als ze hun voornemen met zo veel mogelijk mensen delen. Vermijd zeuren en klagen maar zoek mensen die je positieve feedback geven en je helpen met volhouden. ZET HEM OP, JE KUNT HET!

Wat praktische tips!
Plannen is een kunst, dat weten we allemaal. Nog moeilijker dan het maken van een planning is het echter om je er ook daadwerkelijk aan te houden… Al die enorme klussen vragen immers nogal wat van je motivatie. En hoe langer je ze voor je uit blijft schuiven, hoe angstaanjagender ze worden!

Uiteindelijk levert langer niets doen dus alleen maar extra stress op. Maar hoe reken je nu echt af met dat constante uitstelgedrag? Hoe krijg je jezelf toch aan het werk als je hele brein tegen lijkt te stribbelen? Hopelijk helpen de volgende tips tegen uitstelgedrag je om er dan echt mee af te rekenen!

1. Doe nuttige klussen tijdens het uitstellen
Stel, je zit al dagenlang op te hikken tegen dat ene rapport dat je nog moet schrijven. Dus wat doe je in de tussentijd? Je bekijkt alle vakantiefoto’s van een vage kennis op Facebook. Je kijkt nog een schattig filmpje van een kat die van een schutting dondert. En intussen stapelen alle mogelijke klussen zich steeds verder op!

Probeer in plaats daarvan eens dingen uit te stellen door andere nuttige dingen te doen. Geen zin om dat moeilijke vak te leren? Ontwijk het door een leuker studieboek door te lezen. Geen zin om de was te doen? Ga uitgebreid een gezonde maaltijd koken. Zo blijf je in een actieve houding en zak je niet weg in de kattenfilmpjes.

2. Begin met de rottigste taak
Vaak ligt het probleem van uitstelgedrag vooral bij één specifieke klus. En omdat je die ene klus voor je uit aan het schuiven bent, begin je helemaal niet meer met werken… Probeer jezelf om dat te voorkomen een ander dagschema aan te leren. Begin iedere dag met één ding waar je helemaal geen zin in hebt.

Dat klinkt rot, maar het heeft de tegenovergestelde werking: de rest van de dag heb je een zorg minder aan je hoofd. Dat geeft rust en zelfvertrouwen om met de rest aan de slag te gaan! En beter nog: meer dan één ding hoef je van jezelf niet te doen. Klinkt dat wat te makkelijk? Op deze manier werk je jaarlijks wel mooi 365 rotklussen weg!

3. Geef jezelf een deadline
Ben jij zo iemand die altijd pas kan werken als de deadline nadert? Geef jezelf dan simpelweg een eerdere deadline. Dat werkt natuurlijk niet altijd als je het zo in je agenda zet, dus soms zijn andere maatregelen nodig. Vraag een vriend die je niet teleur wilt stellen om dan eens te polsen hoe het ermee gaat.

Of stel de deadline als een voorwaarde voor iets dat je echt heel graag wilt. De omgekeerde aanpak is ook mogelijk: geef jezelf een ‘minimum’ voor werktijd. Spreek af dat je nu in ieder geval twintig minuten aan de slag gaat. Goede kans dat je daarna al zo in de ‘flow’ bent dat je vanzelf bezig blijft!

4. Zet kleine stapjes
Soms is de omvang van een taak eigenlijk het grootste probleem. Je hele huis opruimen? Een compleet project uitwerken op werk? Een heel vak leren? Dat zijn allemaal nogal grote en bijna abstracte klussen. Je maakt de angst om te beginnen kleiner door de boel eerst in kleine stapjes op te splitsen.

Begin eens met in één kamer alles weg te gooien dat je niet meer wilt hebben. Maak een overzichtje van alle kleine taken die bij dat project horen. Leer per hoofdstuk, in plaats van het hele boek tegelijk in je hoofd te willen stampen. Op die manier lijkt de uitdaging vaak al meteen een stuk minder angstaanjagend te worden.

5. Gun jezelf af en toe wat luiheid
Het naarste van uitstelgedrag is dat je er enorm gestrest van raakt. En dat hoeft niet eens te zijn omdat je zo veel te doen hebt. Soms is het vooral de wetenschap dat je nog zo veel aan het doen zou moeten zijn! Hoe meer je jezelf achter de broek zit, hoe erger dat wordt. Probeer daarom eens een keer om het anders aan te pakken.

Komt het werken er echt niet van? Gun jezelf dan gewoon eens een middagje vrij – en neem dan ook echt vrij. Lees een boek, maak een lange wandeling, ga met vrienden op een terrasje zitten. Je zult zien dat je een stuk meer energie hebt als je uiteindelijk wel aan het werk gaat!

Sharon Helthuis

Sharon Helthuis

Gewichts- en voedingsconsulente | Pilates instructrice

Sharon heeft een praktijk als Voedings-Gewichtsconsulente.

Daarnaast is ze gediplomeerd Yoga Docente in Vinyasa & Yin Yoga. Tevens is ze gecertificeerd Pilates instructrice.